De bijbel De bijbel
 
..........
 
 Lectionarium
 
<< >>
zomadiwodovrza
26272829123
45678910
11121314151617
18192021222324
25262728293031
1234567

Vrijdag in week 2 van de Veertigdagentijd

Genesis 37,3-4.12-13a.17b-28

Uit het boek Genesis

Israël hield meer van Jozef dan van al zijn andere zonen,
omdat hij hem nog op zijn oude dag had gekregen.
Hij had voor hem een prachtig kleed laten maken.
De broers bemerkten dat hun vader meer van Jozef hield
dan van hen,
en zij gingen hem zó haten
dat ze geen goed woord meer voor hem over hadden.
Eens waren zijn broers bij Sichem
de kudden van hun vader gaan weiden,
toen Israël tot Jozef zei:
“Je weet dat je broers de kudden weiden bij Sichem.
Zou je niet naar hen toe willen gaan?”
Jozef ging daarop zijn broers achterna
en vond hen inderdaad in Dotan.
Zij hadden hem al in de verte zien aankomen,
en voor hij bij hen was, smeedden zij het plan om hem te doden.
Zij zeiden tot elkaar:
“Daar komt hij aan, de grote dromer!
Nu hebben we de kans.
We vermoorden hem en gooien hem in een put.
We kunnen zeggen dat een wild beest hem verslonden heeft.
Dan zullen we eens kijken wat er van zijn dromen terecht komt!”
Toen Juda dit hoorde,
probeerde hij Jozef uit hun handen te redden en zei:
“We mogen hem niet doden.”
Ruben zei tot hen:
“Vergiet toch geen bloed!
Ginds in de steppe is een put;
gooi hem daarin, maar sla niet de hand aan hem.”
Hij wilde hem immers uit hun handen redden
en bij zijn vader terugbrengen.
Zodra Jozef bij zijn broers kwam,
trokken zij hem het kleed uit,
het prachtige kleed dat hij droeg,
grepen hem en wierpen hem in de put.
De put was leeg en er stond geen water in.
Terwijl ze zaten te eten,
zagen zij ineens een karavaan van Ismaëlieten,
die van Gilead kwam.
De kamelen waren beladen met gom, balsem en hars;
zij waren op weg naar Egypte
om de koopwaar daar af te leveren.
Nu zei Juda tot zijn broers:
“Wat hebben we eraan die broer van ons te vermoorden
en zijn bloed te bedekken?
Laten wij hem liever aan de Ismaëlieten verkopen
en niet de hand aan hem slaan;
hij is toch een broer van ons, ons eigen vlees.”
Zijn broers stemden daarmee in.
Toen de Midjanitische kooplieden voorbijkwamen,
trokken de broers Jozef uit de put
en verkochten hem voor twintig sikkel zilver aan de Ismaëlieten.
De kooplieden voerden Jozef naar Egypte.

Matteüs 21,33-43.45-46

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs

In die tijd sprak Jezus
tot de hogepriesters en de oudsten van het volk:
“Luistert naar een andere gelijkenis:
Er was eens een landeigenaar die een wijngaard aanlegde;
hij zette er een heining omheen,
hakte een wijnpers erin uit
en bouwde een wachttoren.
Daarop verpachtte hij hem aan wijnbouwers
en vertrok naar den vreemde.
Toen de tijd van de oogst gekomen was
zond hij zijn dienaars naar de wijnbouwers
om de opbrengst in ontvangst te nemen.
Maar de wijnbouwers grepen zijn dienaars vast.
Zij mishandelden de een,
doodden de ander en stenigden een derde.
Daarop zond hij andere dienaars,
talrijker dan de eersten;
maar zij behandelden hen op dezelfde manier.
Tenslotte stuurde hij zijn zoon naar hen toe,
in de veronderstelling
dat zij zijn zoon wel zouden ontzien.
Maar toen de wijnbouwers de zoon zagen,
zeiden ze onder elkaar:
Dat is de erfgenaam;
vooruit, laten we hem vermoorden
en ons zijn erfenis toeëigenen.
Ze grepen hem vast,
wierpen hem de wijngaard uit en doodden hem.
Wanneer nu de eigenaar van de wijngaard komt,
wat zal hij dan wel met die wijnbouwers doen?”
Ze antwoordden Hem:
“Hij zal die ellendelingen een ellendige dood doen sterven
en zijn wijngaard zal hij aan andere wijnbouwers verpachten,
die hem de opbrengst op de vastgestelde tijd zullen afdragen.”
Toen sprak Jezus tot hen:
“Hebt gij nooit in de Schrift gelezen:
De steen die de bouwlieden hebben afgekeurd
is juist de hoeksteen geworden?
Op last van de Heer is dat gebeurd
en het is wonderbaar in onze ogen.
Daarom zeg Ik u:
Het Rijk Gods zal u ontnomen worden
en gegeven aan een volk
dat wel de vruchten daarvan opbrengt.”

Toen de hogepriesters en Farizeeën
zijn gelijkenis gehoord hadden
begrepen ze dat Hij over hen sprak.
Zij zonnen dus op een middel om zich van Hem meester te maken,
maar ze waren bang voor het volk
omdat men Hem voor een profeet hield.


De Katholieke Bijbelstichting (KBS) zet zich in voor de verspreiding van de Bijbel in het Nederlands taalgebied, en voor de bevordering van de liefde voor, omgang met en kennis van de Bijbel als geloofs- en cultuurboek.

De KBS realiseert haar doelstelling ondermeer door de instandhouding van deze bijbelwebsite. Zonder uw steun kan de KBS deze dienstverlening en andere projecten niet verwezenlijken. Uw gift, hoe groot of klein ook, is dan ook zeer welkom.

U kunt uw bijdrage overmaken op banknummer 1660666 ten name van Stichting Vrienden van de Bijbel te Den Bosch.  Hartelijk dank!
 

 
 
 
  - Disclaimer
- Richtlijnen voor het gebruik van de internetversies van de Willibrordvertaling, De Nieuwe Bijbelvertaling en de bijbelteksten van het Lectionarium: © 1969-2013.
- Een project van de Katholieke Bijbelstichting; ontwerp en techniek: Sync Creatieve Producties